|
|
|
| Erik Dekker - 20 juli 2000 |
|

| Vanochtend zijn we om 8:00 opgestaan en om 9:00 zaten we in een cafeetje om de hoek te ontbijten. We hebben alle tijd, want we willen de zuil met het beeld van Columbus op. Deze gaat pas om 10:00 open, dus na het ontbijt lopen we eerst nog wat langs de boulevard voor we omhoog gaan. Boven is het heel klein en niemand ziet dat je daar bent als je niet weet dat je omhoog kan. Na een minuut of tien gaan we naar beneden en op weg naar het hoofddoel van vandaag, de Montjuïc, de berg waar het olympisch stadion van 1992 op staat. Met een kabelbaan kan je omhoog. We zijn lang op zoek naar het eerste opstappunt. Na veel trappen te hebben beklommen (we zijn dan het olympisch zwembad reeds gepasseerd) zijn we al bij het tweede opstappunt. We hadden al het gevoel dat we teveel moesten klimmen en dat bleek dus ook. Met de kabelbaan gaan we naar de top van de berg. We zweven over een verlaten en gesloopt pretpark. Boven op de berg staat een fort. Vanaf hier hebben we een mooi uitzicht over Barcelona. Na rond het fort te zijn gelopen beginnen we aan de afdaling. De meeste mensen gaan met de kabelbaan terug, maar wij gaan lopen om bij het stadion te komen. |
|
| Onderweg zien we niemand lopen, alleen maar toeristen in bussen of rare treintjes. Na ongeveer een half uur lopen in de brandende zon komen we bij het olympisch stadion aan, maar natuurlijk weer bij de achterzijde. Het stadion lijkt verlaten en gesloten. Nadat we er omheen zijn gelopen blijkt echter dat het gewoon open is en zijn er weldegelijk meer toeristen. We nemen wat foto’s en gaan verder met onze afdaling, richting het Palau Nacional. Daar komen we een Nederlandse vrouw tegen die mij een folder geeft waarin staat dat Jezus me zal komen redden / helpen / whatever…gewoon wat koels te drinken, dan is het allang best. Bij mij is ze net aan het verkeerde adres; het foldertje verdwijnt dus ongelezen in een prullenbak. Het paleis is een museum geworden, dus even binnen kijken zit er ook niet in. |

|
We zijn inmiddels weer afgedaald tot straatniveau. We lopen richting zee, op zoek naar lunch. Bij een supermarkt slaan we alvast heel veel drinken in voor de reis van morgen. Terug in ons hotel koelen we het drinken in de koelkast in onze verder karig ingerichte kamer en tegelijk houden we een verlate siësta. Rond een uur of acht gaan we voor de laatste keer Barcelona in op zoek naar eten. Na veel rondlopen komen we in een McDonalds die niet bezet is door Nederlanders. Na rustig gegeten te hebben, wandelen we over de Ramblas terug naar ons hotel. Onderweg koop ik een Telegraaf, omdat er geen andere Nederlandse kranten te koop zijn en ik toch over Dekkers successen in de Tour wil lezen. Sport overwint dus toch heel veel… |
|
|